Mevrouw Peng

“Yes yes yes, thank you, bye!” Mevrouw Peng schreeuwt kort naar een klant die naar haar mening te veel treuzelt bij het verlaten van de winkel. Haar “thank you”‘s klinken bijna hetzelfde als “fuck you.” Ook de klant die zo stom is om niet gepast te betalen, krijgt een uitbrander.

Mevrouw Peng is een klein Chinees vrouwtje met haar eigen supermarktje vlakbij het centrum van Toronto. Om iedere mogelijkheid tot een lang gesprek met de klant verder uit te sluiten, houdt Peng altijd een telefoon vast waartegen ze af en toe iets in het Kantonees roept. Klanten schrikt ze er niet mee af, sterker nog: mensen uit Toronto komen juist naar de winkel toe vanwege het gedrag van Peng.

Het lijkt erop dat Torontonians zo gewend zijn om vriendelijk te woord te worden gestaan in winkels, restaurants en zelfs op straat dat de winkel van Peng een verfrissende tegenpool is. Zoals in Nederland een oprecht geïnteresseerde, niet-onbeleefde winkelbediende of ober een uitzondering is, zo is de onbeschofte mevrouw Peng dat in Toronto. Haar onbeleefdheid maakt Peng’s klanten vrolijker.

Een roodharige vrouw van een jaar of twintig op hoge hakken komt de winkel binnengelopen. Mevrouw Peng legt plotseling haar telefoon neer en loopt rustig op de vrouw af. De vrouw kijkt verward op en weet zich geen raad met een geïnteresseerde Peng.  ”Hello,” stamelt de vrouw. Peng opent haar mond en zegt dan streng “store closes in five minutes!”. Haastig zoekt de vrouw een reep chocola uit en rekent hem glimlachend af.

27 July 2008
By on 23:11
Knipper-ufo’s

Met enorme vaart kwam het onbekende voorwerp dichterbij terwijl Serge verward langzaam dekking zocht achter zijn dashboard. Een autorit zoals hij ze wel vaker maakte, dat zou het vannacht weer worden, dacht Serge kort. Maar deze nacht zou zijn leven voor eeuwig veranderen, voor goed zou hij in verwarring blijven. Hij stond op het punt om zijn auto aan de kant te zetten aan de rand van de stad om even te plassen toen het gevaarte opeens opdoemde. Een knipperend iets kwam op hem af: het moest wel een UFO zijn, of een lichtgevende knipperende onbekende diersoort, dat was niet helemaal duidelijk. Serge besloot dekking te zoeken en hoorde een doffe klap. Hij stapte uit de auto en keek op de grond: waar hij een alien had verwacht lag een fietser, zwaar gewond.

Een slechtgeschreven verhaaltje, dat geef ik graag toe, maar absoluut niet zo absurd als het lijkt. Overal in Nederland wordt afwijzend gereageerd op het politieadvies van de Raad van hoofdcommissarissen om boetes te geven aan op kleding of tassen vastgemaakte fietslampjes. Waar de meeste corpsen het wèl mee eens zijn is dat knipperlampjes niet mogen worden gebruikt. Die zouden namelijk verwarrend zijn voor het andere verkeer. Maar verwarrend? Een automobilist moet wel heel dom of dronken zijn om een knipperend lampje aan te zien voor een UFO, een kerstboom of iets anders niet-fietserigs. Het is de vraag of mensen die niet snappen dat er bij bewegend knipperend licht ‘s nachts een fiets aan kan komen, überhaupt een rijbewijs zouden mogen hebben. Misschien is dat iets voor de volgende vergadering van de raad van hoofdcommissarissen?

16 November 2007
By on 00:18
Alleen maar over appeltaart

Dokter Zwitgenstein, hartelijk bedankt, met uw voorschrift van absolute columnrust en de gedwongen TBS (afslachter van Kampen, rondschieter uit Overvecht ik ga jullie missen) ben ik na acht maanden weer beter. De plotselinge ingevingen waar ik niets mee kon, zijn volledig verdwenen en ook zonder valium kan ik mij weer volledig richten op een onderwerp. Omdat ik niet te zwaar mocht beginnen van u, hier een recept.

We bakken vandaag oma’s appeltaart. Doe 300 gram bloem in een schone kom, wist u trouwens dat ronde en vierkante kommen een andere invloed op vissen hebben? Voeg 175 koude..ijskoude maar dat wordt moeilijk, de poolkappen smelten en daardoor worden wij watermensen met kieuwen, wel leuk trouwens zo’n watervolk tussen…erm..sorry 175 boter toe en twee eieren. Voeg een ruime hoeveelheid andersdenkende Pakistaanse advocaten toe, die weigeren nog voor de overheid dingen te doen, en terecht want het is een schande als je niet die 150 gram witte basterdsuiker toevoegt! Kneed flink en laat een half uurtje op een koele plek rusten. Snijd 1 kilo zure appels in stukjes, voeg kaneel en suiker toe en meng de zwarte scholen met de witte scholen zodat wederzijds begrip bestaat. Voeg krenten toe, en oh, koop de CD van Britney Spears want ja, gekke mensen maken altijd de mooiste muziek. Een missie waar niemand achterstaat klinkt onheilspellend, maar een oven aanzetten is nog moeilijker, zet hem niet te hoog, gooi het hele zaakje door elkaar in een taartvorm en tsja, dan kan niemand er meer omheen dat een ruzie om een boekenprijs met een sisser afloopt.

Zo, de appeltaart is klaar, en dat alles zonder ook maar één keer af te dwalen van het recept. Dank u wel dokter, ik ben verlost van mijn Column de la Tourette-sydroom.

7 November 2007
By on 01:03
Enorme

Met enorme bobbels in hun broek komen de overvallers binnengestormd in Mijdrecht. Hun broeken kunnen de grootte nauwelijks aan en het zal ook niet lang meer duren voordat ze in hun vluchtpoging struikelen over hun enorme geslachtsapparaten. Om deze bizarre overval van grootgeschapenen te snappen, moet ik iets verder teruggaan in de tijd.

Op mijn bureau van de krantenredactie waar ik tijdelijk werk, kreeg ik een tamelijk standaard politiebericht dat ik in normale mensentaal moest omzetten (politieberichten beginnen meestal met vreemde zinnen als ‘op maandag jongstleden omstreeks 13:00 uur’) voor de krant. Een overval in Mijdrecht waarbij twee mannen de kas van een supermarkt hadden leeggeroofd, niet veel bijzonders en al snel had ik het bericht af. Omdat ik nog iets meer informatie wilde, ging ik naar een website waarop foto’s van de ravage achteraf waren gemaakt met bankbiljetten op de vloer en leeg gerukte kassas. Ha, daar was weer een goede zin voor het bericht ‘aan de ravage achteraf was duidelijk te merken dat de daders enorme haast hadden.’ Prachtig! In mijn hoofd hoorde ik de prijsuitreiking al: “De journalistieke lifetime archievement award gaat naar Jules Jessurun voor zijn buitengewone bijdrage aan de eenzinsjournalistiek.” Oh wacht, er staat nog één woord te veel, ‘enorme haast’ mag ook wel gewoon haast worden.

Ik schrapte snel het woord, maar toen ik een dag later de krant onder ogen kreeg zag ik tot mijn grote schrik dat niet ‘enorme’ was gewist maar ‘haast’. De zin op de voorpagina in de krant, gelezen door duizenden mensen was dus nu: “aan de ravage achteraf was te zien dat de daders enorme hadden.” Arme overvallers, ik heb een soort rariteitenkabinet-dieven van ze gemaakt met reusachtige geslachtsdelen. Heel Mijdrecht is inmiddels op zoek naar de overvallers met de enorme (haast).

30 March 2007
By on 22:36
Bal der bijna-geweigerden

Helemaal de hoek gaat de rij om, achter een tramhokje op het Leidseplein langs. Een grote stroom mensen wacht totdat ze op het boekenbal in de Stadsschouwburg worden binnengelaten. Zij hebben allemaal kaarten, maar zijn eigenlijk toch geweigerden. Zij mogen alleen het toetje van het boekenbal meemaken, Bij het belangrijkste evenement, de lezing van Kees van Kooten over humor in de literatuur mogen ze niet aanwezig zijn. Wie in de rij staat van geweigerden voor het eerste deel van de avond is trouwens in goed gezelschap, ook politicus en regisseur John Leerdam, cabaretier Thomas van Luijn en pianist Michiel Borstlap staan in de rij, hoewel zij misschien gewoon te laat waren. Uitgenodigd worden op het boekenbal maar toch ook weer niet, het is een vreemde gewaarwording. In ieder geval heeft Amsterdam er weer een nieuw begrip bij. Op het Leidseplein had je al als alternatief voor het boekenbal het bal der geweigerden, het bladenbal en het debutantenbal en nu is daar dus nog iets bijgekomen: het bijna-geweigerdenbal.

14 March 2007
By on 23:36
nieuwe christelijke Van Dale

Vanaf half maart zal Van Dale op verzoek van vijf christelijke scholen uit Staphorst en omgeving een nieuwe kinderwoordenboek uitbrengen, ‘het Van Dale Pocketwoordenboek Nederlands voor christelijke basisscholen’. Vloeken gebaseerd op Jezus en God zoals ‘jeetje’ en ‘gossie’ zullen er niet in voorkomen en ook woorden als ‘kut’, ‘neuken’ en ‘hork’ worden verwijderd. Van Dale-redacteur Theo de Boer geeft uitleg.

Arme horken, volgens mijn grote Van Dale-woordenboek kunnen dat ook ‘wespen en hommels’ zijn, moeten die nu ook wijken?

Haha, nou die stonden ook al niet in het vorige kinderwoordenboek. Het kinderwoordenboek is voor kinderen tussen de 8 en 12 jaar en heeft dus een stuk minder woorden dan de volwassen Van Dale.

Een ander geschrapt woord is ‘nitwit’. Volgens mijn Van Dale iemand die iets niet weet of kan. Zo erg klinkt dat toch niet?

Nee, ik vind het zelf ook niet zo’n erg woord, maar in reformatorische hoek heerst daar een opvatting dat deze woorden ongewenst zijn.

U bent niet bang dat door het schrappen van deze woorden de kinderen tot nitwits maakt?

Ik denk dat dat wel meevalt, het zijn maar zo’n 200 woorden die worden geschrapt. Bovendien hebben de woorden die geschrapt zijn hebben geen onderwijskundig belang en kunnen kinderen bepaalde schuttingwoorden ook wel leren op straat.

Het christelijke basisschoolwoordenboek komt uit in maart, tot die tijd kunnen de kinderen nog woorden zien als  ‘jeetje’ en ‘gossie’?

Waarschijnlijk hebben ze op dat soort scholen niet eens woordenboeken op dit moment. En ik heb ook wel eens gehoord dat ze verouderde versies van vóór de jaren ’70 gebruikten waar dit soort woorden niet eens instonden.

Nog even terug naar de woorden. Ook ‘krokusvakantie’ is aangepast en is nu ‘een schoolvakantie die wordt gehouden in de maand februari of maart’ in plaats van ‘tijdens het katholieke carnaval’. De katholieke basisscholen zullen daar niet zo blij mee zijn…

Ach, de nieuwe betekenis is eigenlijk ook neutraler en zal misschien ook wel worden opgenomen in de Dikke van Dale.

En de katholieke kinderen die willen lezen over de krokusvakantie tijdens hun carnaval, komt daar nog een aparte editie voor?

Ja, het is wel denkbaar dat voor andere groepen ook een woordenboek wordt gemaakt. Dat geldt niet alleen voor katholieken, maar ook voor andere religies.

Zozo, in ieder geval al een christelijke editie en misschien nog wel meer, daar moet Van Dale zeker goed aan verdienen?

Laat ik het zo zeggen, we zijn een bedrijf en als bedrijf begin je er niet aan als je weet dat je eraan gaat verliezen.

1 February 2007
By on 12:35
Treinromantiek?

Liggend in elkaar armen in een treinstoel in de ochtend, luistert het stelletje met een koptelefoon op naar een gedicht van Hagar Peeters wat ze verderop in de treincoupé door een microfoon voorleest. Het is gedichtendag in Nederland en Vlaanderen en dus rijdt er de hele dag een trein tussen Schiphol en Eindhoven waar dichters in voordragen. Wat romantisch: verliefd zijn en dan samen naar een dichter luisteren die voor jou en nog maar een paar andere mensen voordraagt. Nou ja, romantisch? Niet echt, of eigenlijk, echt niet.

Zoals ik het verhaal boven heb beschreven, zo zal het NOS-journaal de Metro, De Pers en welke krant dan ook erover berichten en misschien is de foto van het stelletje ook wel te zien op sommige voorpagina’s morgen. In werkelijkheid is de coupé echter verre van romantisch en helemaal gevuld met fotografen, cameramensen en verslaggevers, die zo dringen dat het handjevol mensen dat niet bij de pers hoort, nauwelijks kan zien wie voorleest en slechts hulpeloos via de koptelefoons die worden uitgedeeld kunnen meeluisteren. Het stelletje wordt zo vaak gefotografeerd en blijft ondertussen zo dromerig kijken, dat ik mij begon af te vragen of ze niet gewoon door de NS bij wijze van stunt in de trein zijn gezet. De plakkerige romantici zagen er te gelikt uit: hij met een klein baardje en mooi halflang haar in een staart: zij in een lange, sprookjesachtige jas en met mooie wimpers die misschien nog wel langer waren dan de jas.

Maar er kwam nog iets ergers in mij op. Het meisje keek helemaal niet verliefd naar de mooie langharige jongen, maar vol walging! Misschien was dit wel een echt stelletje, maar is de jongen mediageil en las hij dat die ochtend in de trein zou worden voorgelezen. Hij heeft zijn beste kleding aangetrokken, zijn baardje semi-nonchalant getrimd en zijn vriendin opgetrommeld. Natuurlijk wist hij dat in de eerste ochtenddichttrein media aanwezig zouden zijn en dat die een vrijend stelletje wel een leuk plaatje zouden vinden. Het meisje is meegelokt met de smoes een romantisch dagje in Den Bosch door te gaan brengen en kijkt met de minuut afkeurender naar haar vriend, hoewel ze hem onder druk van de fotocameras niet durft af te wijzen. Nee, oprecht zullen de reportages en fotos van de poëziedag in de trein niet zijn.

En mocht u nog een beetje hoop hebben omdat u in het hoekje van de foto van het stelletje en de vele fotografen een blonde jongen aandachtig ziet luisteren naar poëzie van Erik Jan Harmens, moet ik u weer teleurstellen. Die jongen ben ik, Jules Jessurun, even journalisterig en hypocriet als al mijn andere collega’s. Één troost: in Utrecht moest ik eruit om naar school te gaan en met mij stapten ook alle cameraploegen en andere journalisten uit. En zo kon er na Utrecht in de trein toch nog oprecht en ongestoord door de pers geluisterd worden naar poëzie. Waarschijnlijk tot ongenoegen van de mediageile jongen en zijn vriendin, want die zag ik niet uitstappen. Die zitten waarschijnlijk nu nóg in de trein in Eindhoven zit te wachten op de volgende journaalploeg, eenzaam, maar wel een flink aantal gedichten rijker.

25 January 2007
By on 22:24
‘Guilds’ en ‘special editions’

“Maar ik had de speciale editie besteld!” “Sorry meneer, we hebben er vijf binnengekregen en jij was te laat met bestellen, we hebben wel een gewone voor je klaarliggen.” Een jongen met een paars-grijze trui met capuchon van een jaar of vijftien staart vol ongeloof naar de verkoper.Het is één minuut over twaalf ’s nachts in videospelletjeswinkel ‘Powerplay’ in Amsterdam en er staat een rij bij de toonbank. Net als veel andere gamewinkels in Nederland en overal ter wereld wordt hier vanaf twaalf uur ’s nachts de uitbreidingsset van het populaire spel ‘World of Warcraft’ verkocht. World of Warcraft is een computerspel waarin verschillende rassen zoals mensen, trollen en elfen een rol spelen en kan alleen via internet gespeeld worden. Mensen moeten het spel kopen en een maandabonnement nemen en kunnen dan ‘quests’ uitvoeren (zoekopdrachten) om zo de hoofdpersoon die zij hebben gekozen sterker te maken. Ook met andere spelers samengewerkt worden, of die nou in Tokyo of Schin op Geul wonen. Met meer dan acht miljoen spelers wereldwijd is moeilijk te spreken van een obscure titel, world of Warcraft is niet alleen populair onder de zogeheten ‘nerds’ met puisten en kenmerkende grote bril. Dat blijkt ook wel als je de mensen ziet binnenkomen in de Amsterdamse gameszaak. Opvallend is wel dat er maar een vrouw is, maar verder is het publiek tamelijk verdeeld. Een paar schrikbare bleke jonge jongens die waarschijnlijk niet veel meer licht zien dan hun verlichte monitor per dag staan bij de toonbank, maar ook een aantal gezonde en zelfs gespierde, sportief uitziende jongens. Ook leeftijden lopen sterk uiteen, er staan zelfs een aantal veertigers en dan niet de types die nog bij hun moeder wonen, maar meer de veertigers waar je misschien zelfs een glimmende Porsche bij zou kunnen denken. Voor een leek zijn de gesprekken in de winkel niet te volgen, een veelvoorkomende vraag die de spelers elkaar stellen in de rij is “Bij weke guild zit jij?” wat het beste in lekentaal te vertalen is als “bij welke groep spelers heb jij je aangesloten?”Ondertussen begint de jongen met de capuchon bij de toonbank zijn geduld langzaam te verliezen, beduusd maar ook met zichtbare ingehouden woede stamelt hij “maar u had mijn moeder aan de telefoon verzekerd dat u er één voor mij had!” De verkoper blijft er echter bij dat er geen speciale editie voor hem is en haalt de gewone versie tevoorschijn. “Nee laat maar, ik zoek hem wel ergens anders!” De jongen stormt de zaak uit. Buiten wacht zijn moeder op hem:”Mam, hoe kan je me nou zo teleurstellen, er was helemaal geen special edition!” en hij loopt teleurgesteld weg.Gelukkig ziet de jongen niet meer hoe de oudere man die na hem aan de beurt komt wel een groot pakket in handen krijgt gedrukt en als een kind zo blij de zaak uitstormt.

17 January 2007
By on 16:56
Virus

Een ramp, Toronto is getroffen door een griepepidemie! Op mijn Canadese universiteit Ryerson, maar ook daarbuiten hingen begin december bordjes met daarop: “Een reden nodig om je handen te wassen? Je kan besmet raken met bacteriën door objecten zoals deurkrukken en trapleuningen die zijn vastgehouden door mensen die niet zulke goede handenwassers zijn. Bescherm je gezondheid en stop de verspreiding van griep!” Het lijkt alsof wij hier met een dodelijke variant te maken hebben en de gezondheidsdienst adviseert iedere inwoner van Toronto zelfs om een griepprik te halen. Toch gaat het hier gewoon om het jaarlijks terugkomende griep, die in Nederland nauwelijks aandacht krijgt. Het is erg gek dat juist een stad als Toronto zo overdreven reageert, Toronto was in 2003 één van de weinige westerse steden waar het SARS-viruswerd geconstateerd en hoewel de wereld daar anders over werd gedacht, buiten Canada, bleek het aantal besmettingen en doden eigenlijk wel mee te vallen (minder dan 400 besmetingen, en minder dan 50 doden in heel Canada, een stuk minder dan de dodelijkheid van een simpele verkoudheid). Het is gek dat na SARS iets als een simpel griepvirus zo wordt opgeblazen en met al de bordjes en posters die waarschuwden, moest ik opeens denken aan Ab Osterhuis, de viroloog die al jarenlang schreeuwt dat vogelgriep ons allemaal gaat uitroeien als wij niet uitkijken en ieder jaar weer ongelijk krijgt. (Mijn verdorven geest ziet het nog wel eens gebeuren dat Ab zelf de enige is de uiteindelijk het virus krijgt en daaraan sterft, maar dat terzijde. Waar het op neerkomt is dat dit soort waarschuwingen mensen niet meer op hun hoede maken maar alleen maar ongeloviger. Als binnenkort een ongeneeslijk koalakangaroeebolagriepmutatievirus Nederland of Toronto bereikt is er niemand meer die een virus ook maar een beetje serieus neemt. Gelukkig weten we dan wel als we doodgaan dat we toch beter onze handen hadden moeten wassen, zoals de bordjes in Toronto voorschreven.

7 January 2007
By on 21:25
Terug

Mijn worst nightmare is luckily niet uitgekomen, ik  spreek nog net zo goed Nederlands als toen ik naar Canada vertrok vier maanden ago, zonder al te veel Engelse uitdrukkingen. Nederlands spreken is dus geen big issue, maar onderwerpen zoeken voor columns is dat wel. In het grote land Canada lagen de onderwerpen voor het oprapen, ze kleefden aan mij vast alsof ik een eland was gewikkeld in ‘maple syrup’. In Nederland ben ik opeens inspiratie- en columnloos en daar moet verandering in komen! 

Daar sta ik dan, midden in Amsterdam in de regen, met mijn notitieblokje in de aanslag, klaar om alles wat bijzonder is in mij op te nemen. Maar ja, wat is bijzonder? Is dat de man die op een hoge omgebouwde herenfiets fietst? Voor Canada misschien bijzonder, maar niet voor Amsterdam. Is het Limburgse echtpaar dat openlijk ruzie maakt over waar de Dam precies is bijzonder genoeg? Het oude vrouwtje op het postkantoor dat zo zwaar ademt dat het lijkt alsof zij ‘Darth Vader’ uit Star Wars overdreven hard nadoet of op zijn minst probeert een metershoge blaasbalg te imiteren? Is een reiger die pinguïns in Artis zo intimideert dat ze hun voedsel van schrik uitbraken waarna hij het op kan eten een column waard?

Eigenlijk is alles wel te gebruiken, als je het maar op een bepaalde manier bekijkt. Alles heeft zijn mooie kant, het Nederlandse leven is columnwaardig!

Gadverdamme, mijn eerste column in Nederland had geschreven kunnen worden door een Libelle-medewerkster.

6 January 2007
By on 15:34